Proof of Stake (PoS) beveiligt een blockchain doordat validators hun eigen cryptocurrency vastzetten, ofwel staken, als onderpand in plaats van elektriciteit te verbruiken aan rekenpuzzels. Het protocol kiest vervolgens een validator, gewogen naar de omvang van diens stake, om het volgende blok voor te stellen, terwijl andere validators dit blok controleren en bevestigen voordat het definitief wordt.
Omdat de eigen coins van een validator op het spel staan, bouwt PoS een direct economische straf in voor oneerlijk gedrag: wie een frauduleus blok voorstelt of te vaak offline is, kan een deel van de stake kwijtraken, een proces dat slashing heet. Dit brengt de belangen in lijn zonder gespecialiseerde mininghardware te vereisen, waardoor iedereen met de minimale stake, of een aandeel in een staking pool, kan meehelpen het netwerk te beveiligen.
Ethereum stapte in de Merge-upgrade van 2022 over van Proof of Work naar PoS, waardoor het energieverbruik van het netwerk vrijwel van de ene op de andere dag met meer dan 99% daalde; validators moeten daar 32 ETH storten om zelfstandig te draaien, al bieden gepoolde en liquid-staking diensten kleinere houders de mogelijkheid om met minder mee te doen. Andere grote chains kiezen een andere aanpak: het Ouroboros-protocol van Cardano kent helemaal geen slashing en leunt in plaats daarvan op speltheorie, terwijl Solana pas nu programmatische slashing invoert na jaren met lichtere sancties.
PoS is sneller en veel energiezuiniger dan Proof of Work, maar kent ook eigen aandachtspunten, zoals de neiging dat grote houders onevenredig veel invloed opbouwen en de technische complexiteit van het draaien van een validator zonder per ongeluk een slashing-straf te veroorzaken.