Anti-witwasbeleid is geen losstaande wet, maar een compleet nalevingssysteem dat cryptoplatforms opbouwen om te voorkomen dat illegaal verkregen geld via digitale activa wordt witgewassen. Waar de korte definitie het basisdoel beschrijft, bestaat de praktische uitvoering uit klantonderzoek bij aanmelding, doorlopende transactiemonitoring, sanctiescreening en verplichte melding van verdachte transacties bij financiële toezichthouders.
De wereldwijde basis komt van de Financial Action Task Force (FATF), die in 2019 haar Aanbeveling 16 uitbreidde naar aanbieders van virtuele activadiensten, waardoor crypto-exchanges qua compliance vrijwel als banken worden behandeld. Hieruit komt de zogeheten Travel Rule voort: platforms moeten vanaf een bepaald transactiebedrag afzender- en ontvangergegevens verzamelen en delen, vergelijkbaar met een bankoverschrijving. In de Verenigde Staten geldt hiervoor een drempel van 3.000 dollar, terwijl de Europese Unie dit onder de Markets in Crypto-Assets-regelgeving op elke overdracht toepast, ongeacht het bedrag.
In de praktijk combineert een Centralized Exchange (CEX) identiteitsverificatie met wallet-screeningssoftware die de on-chain geschiedenis van een storting natrekt op links met darkwebmarktplaatsen, ransomware of gesanctioneerde adressen, voordat het geld wordt bijgeschreven. Opvallend genoeg maakt het openbare, permanente grootboek van de blockchain dit natrekken juist makkelijker dan bij contant geld. Toezichthouders wereldwijd hebben de handhaving flink opgevoerd, met forse boetes voor exchanges die gelaagde of witgewassen transacties niet opmerken, waardoor een solide AML-programma inmiddels een vergunningsvoorwaarde is in plaats van een vrijwillige best practice.